dinsdag 23 februari 2010

Opera Zuid jubileert met Humperdincks Hänsel und Gretel

Twintig jaar Opera Zuid
Nu Opera Zuid twintig jaar bestaat viert men dat heugelijke feit met een uitvoering van de opera Hänsel und Gretel van Engelbert Humperdinck (1854-1921). Dit muziekdrama wordt in elf steden met in total twaalf voorstellingen op de planken gebracht tussen vrijdag 26 februari — première te Maatricht; herhaling als matinee op zondag 28 maart — en zaterdag 27 maart in de schouwburg van Heerlen. De andere negen steden, te beginnen met Groningen op dinsdag 2 maart, kunt u vinden in de Speellijst op de website van Opera Zuid, waar directeur Miranda van Kralingen ook een opgetogen inleiding houdt op zowel het jubileum alsook op deze opera. Het Limburg Symfonie Orkest staat onder leiding van Stefan Veselka. Daar vindt u onder cast ook de namen van alle medewerkenden.

Achtergronden

Op 23 december 1893 is het muziekdrama Hänsel und Gretel van Engelbert Humperdinck (1854-1921) voor het eerst uitgevoerd te Weimar. Richard Strauss had de muzikale leiding. De opera is ontstaan op een libretto van Adelheid Wette (1858-1916), dat het gelijknamige sprookje als basis heeft genomen.
In 1894 waren Wenen en Londen aan de beurt, een jaar daarna kon het operapubliek van New York kennismaken met het werk dat later de meest succesvolle opera van Humperdinck zou blijken: een muziekdrama dat — vooral in de Duitstalige theaters repertoire heeft weten te houden. Al moet daaraan direct worden toegevoegd dat Hänsel und Gretel vooral in de periode rond kerstmis wordt opgevoerd.
Dit sprookje wordt, ten dele, muzikaal uitgebeeld met behulp van een omvangrijk Wagner-ensemble; bij voorbeeld in de Hexenritt, die reminiscenties oproept aan de Walkürenritt in Wagners Götterdämmerung. In de vocale gedeelten heeft Humperdinck enige traditionele volksliederen opgenomen, waarvan het bekendste Ein Männlein steht im Walde is.


Het verhaal
Hans en Grietje hebben de opdracht gekregen enig huishoudelijk werk te verrichten, maar in plaats van te gehoorzamen, dansen ze om de tafel. Daarbij worden Hans — mezzosopraan — en Gretel — sopraan — betrapt door de moeder des huizes. Als die dan ook nog eens per abuis de melkkan kapot slaat, stuurt ze de kinderen het bos in om bessen te zoeken.
Eenmaal in het bos, vergissen de kinderen zich in hun route, en gaan daarom eerst maar eens slapen. Een zandmannetje — sopraan — en enkele engelen brengen hen in slaap. De volgende dag worden de beide kinderen door de bosheks gevangen genomen.
Hoewel er tot op dat moment alleen vrouwenstemmen te horen zijn — de partij van Hans is in Hunperdincks beleving een zogenoemde
Hosenrolle —, laat de componist in het geval van de heks de mogelijkheid open voor een mannenstem: naast de voor de hand liggende alt, mag deze partij ook door een tenor worden gezongen, waarmee de omgekeerde wereld der geslachten binnen deze opera voor enige blijdschap in de vrouwenbeweging zou kunnen hebben gezorgd: de gruwelteef op de bezemsteel ingevuld door een man.
Die heks sluit Hänsel op met de bedoeling hem vet te mesten. Gretel slaagt erin haar broertje te bevrijden. Daarna werpen ze samen de heks in de kachel en bevrijden ze de in dat huis-van-snoepgoed aanwezige andere kinderen, die eveneens waren opgesloten.



Aanpassingen van het verhaal voor de bühne
Dat het libretto van Adelheid Wette afwijkt van het oosrponkelijke sprookje, wordt al direct in de eerste alinea's van het oorspronkelijke verhaal duidelijk, dat overigens — in tegenstelling met de veelal geuite veronderstelling — niet alleen bij de gebroeders Jacob (1785-1863) en Wilhelm (1786-1859) Grimm in hun omvangrijke verzameling sprookjes voorkomt, doch tevens in het eerste  onderdeel Deutsches Märchenbuch (1857) van de bundel Sämtliche Märchen van Ludwig Bechstein (1801-1860). De versie van Grimm begint als volgt:
Vor einem großen Walde wohnte ein armer Holzhacker mit seiner Frau und seinen zwei Kindern; das Bübchen hieß Hänsel und das Mädchen Gretel. Er hatte wenig zu beißen und zu brechen, und einmal, als große Teuerung ins Land kam, konnte er auch das tägliche Brot nicht mehr schaffen. Wie er sich nun Abends im Bette Gedanken machte und sich vor Sorgen herumwälzte, seufzte er und sprach zu seiner Frau:
"Was soll aus uns werden? Wie können wir unsere armen Kinder ernähren, da wir für uns selbst nichts mehr haben?"— "Weißt du was, Mann?"antwortete die Frau, "wir wollen morgen in alle Frühe die Kinder hinaus in denWald führen, wo er am dicksten ist da machen wir ihnen ein Feuer an und geben jedem noch ein Stückchen Brot, dann gehen wir an unsere Arbeit und lassen sie allei. Sie finden den Weg nicht wieder nach Haus, und wir sind sie los."
De versie van het verhaal, zoals die te vinden is in de verzameling van Ludwig Bechstein, kunt u lezen in het artikel over de film Hänsel und Gretel, die zaterdagmiddag op Nederland 3 werd uitgezonden.
____________
Afbeeldingen
1. Poster van Opera Zuid voor Hänsel und Gretel.
2. Opera-Zuid directrice Miranda van Kralingen als moeder en als Knusperhexe in de jubileumvoorstellingen van Hänsel und Gretel.
3. Scène uit het muziekdrama Hänsel und Gretel door Opera Zuid.
4. Karin Strobos en Kim Savelsbergh als Hänsel und Gretel.
5. Dezelfde spelers in dezelfde rollen.
6. De veertien engeltjes.
7. Sprookjesverzamelaar Ludwig Bechstein.

Geen opmerkingen: